Richtlijnen diploma/certificaat NLQF

Inleiding

Wat er op een diploma staat, wordt voor het formele onderwijs (deels) voorgeschreven in landelijke regelingen. Voor het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) is dit vastgelegd in de Regeling modellen voor mbo-diploma, mbo-certificaat en mbo-verklaring, voor het voorgezet onderwijs (vo) in de Regeling modellen diploma’s VO en in het hoger onderwijs (ho) in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Op de diploma’s van het formele onderwijs wordt met ingang van de Wet NLQF per 1 januari 2025 ook het NLQF/EQF-niveau vermeld.

Het NCP NLQF krijgt regelmatig de vraag of er ook voor non-formele waardepapieren richtlijnen bestaan. Een waardepapier kan bijvoorbeeld een diploma, certificaat of getuigschrift zijn. In deze notitie worden enkele uitgangspunten gegeven die van belang zijn om op in het NLQF ingeschaalde non-formele waardepapieren te vermelden. De richtlijnen zijn gebaseerd op de (wettelijke) regelingen voor modellen van diploma’s die er bestaan. Voorop staat: het bieden van duidelijkheid richting de kandidaat die het waardepapier verkrijgt.

Waardepapieren van in het NLQF ingeschaalde opleidingen

Op grond van artikel 3.3 van de Wet NLQF kan het NLQF-/EQF-niveau worden vermeld zodra de non-formele opleiding is ingeschaald. Op waardepapieren van een in het NLQF ingeschaalde non-formele opleiding staat in ieder geval het volgende vermeld:

  • naam van de organisatie die het diploma uitgeeft, eventueel voorzien van het logo;
  • naam kandidaat (voorletter(s) of volledige voornaam en achternaam, zoals vermeld op identiteitsbewijs);
  • geboorteplaats (zoals vermeld op identiteitsbewijs) en/of geboortedatum van de kandidaat;
  • een zinsnede zoals: “…heeft met goed gevolg afgelegd/heeft met succes afgerond…”;
  • naam van de behaalde non-formele opleiding (dient overeen te komen met de naam zoals in het NLQF-register);
  • NLQF-niveau en aangeleverd NLQF-beeldmerk (logo met niveau-aanduiding)[1];
  • plaats en datum van ondertekening;
  • handtekening van een lid van de examencommissie, diens naam en functie.

[1] Hierop is het Communicatieprotocol NLQF van toepassing. De licentie tot gebruik van de inschalingskenmerken wordt door het NCP NLQF toegekend na het ontvangen van een inschalingsbeschikking, afgegeven door de Programmaraad.

Daarnaast wordt aanbevolen om het volgende op te nemen:

  • handtekening van de kandidaat en diens voorletter(s)/voornaam en achternaam.

Voorbeeld ter illustratie:

Onderdelen van een NLQF-ingeschaalde opleiding (formeel of non-formeel)

Voor onderdelen van een in het NLQF ingeschaalde opleiding, zowel formeel als non-formeel, wordt alleen gesproken over het niveau van de gehele NLQF-ingeschaalde opleiding en niet over het niveau van het onderdeel daarvan. Meer informatie hierover is te vinden in het Communicatieprotocol NLQF. Dit betekent ook dat het waardepapier van een onderdeel van een in het NLQF ingeschaalde opleiding dit duidelijk dient te vermelden.

NLQF-diplomasupplement

Zodra je non-formele opleiding is ingeschaald in het NLQF, ontvang je van ons ook een diplomasupplement. Dit diplomasupplement kun je zelf afdrukken en toevoegen aan het diploma. Het bevat onder andere een uitleg over het niveau van de opleiding en toelichting over het NLQF en EQF.