Even kennismaken met Jan van den Akker, voorzitter Programmaraad NLQF

De Programmaraad van het NLQF  is verantwoordelijk voor alle besluiten over de inschaling van niet door de overheid gereguleerde kwalificaties. Hoe is voorzitter Jan van den Akker bij het NLQF betrokken geraakt en wat wil hij graag bereiken?

jan van den akker

Jan van den Akker is een curriculumexpert. Hij was algemeen directeur van SLO (nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling) en hoogleraar curriculumontwerp en -implementatie aan de Universiteit Twente. Op dit moment is hij gasthoogleraar bij de Professional School of Education aan de Humboldt Universiteit in Berlijn.

Hoe bent u bij het NLQF betrokken geraakt?
‘Ik maakte deel uit van de Commissie Leijnse die in 2011 het advies schreef over de introductie van het Nederlands Kwalificatiekader NLQF. Dat advies vormde de grondslag voor de oprichting van het NCP NLQF. Vandaaruit ben ik lid geworden van de Programmaraad van het NLQF. Zo bleef er een verbinding met de oorsprong: de Commissie Leijnse. Toen Johan van Rens in 2016 afscheid nam van de Programmaraad ben ik hem opgevolgd als voorzitter. Het is belangrijk om de continuïteit in de gaten te houden. Met te veel wisselingen tegelijkertijd zou heel wat inmiddels opgedane ervaringskennis ineens verdwijnen. We zijn in dat opzicht ook blij dat Tijs Pijls - die Regina Kleingeld begin 2017 opvolgde als programmadirecteur - vanaf het begin betrokken was bij het NLQF.’

Wat vindt u de kracht van het NLQF?
‘Voor een deel gaat het op dit moment nog vooral over de beoogde kracht. Hoewel Nederland in Europees opzicht tot de voorlopers behoort wat NLQF betreft, is er bij de Programmaraad wel eens sprake van wat ongeduld. NLQF is nog niet erg bekend. De verankering van het NLQF vergt een lange incubatietijd. We wachten op het wetstraject dat is aangekondigd. Dan worden alle reguliere diploma’s voorzien van een NLQF-niveau en weet in één klap iedereen over het NLQF. Dat heeft natuurlijk een enorm civiel effect. Als we een nieuw kabinet krijgen dan hoop ik dat er binnen niet al te lange termijn een knoop over het dossier NLQF zal worden doorgehakt en dat het wetstraject doorgang kan vinden.
Maar wat die beoogde kracht betreft: NLQF bevordert de transparantie in het aanbod van opleidingen en het vergroot daarmee de mobiliteit en dynamiek op de arbeidsmarkt. Reguliere en niet reguliere kwalificaties worden vergelijkbaar. En daarnaast zit de kracht van het NLQF in het werken met leeruitkomsten om niveaus aan te duiden.
Tegelijkertijd is er nog wel een bepaalde spanning. De omvang van studies die leiden tot een kwalificatie op een bepaald niveau kan erg verschillen. Je kunt opleidingen (al dan niet afgerond met een diploma) dus niet rechtstreeks met elkaar vergelijken. Het gaat om vergelijking van de niveaus van leeruitkomsten en niet van inhouden, omvang en zwaarte. Het is een kwestie van gewenning, maar hoe bekender het NLQF zal worden, hoe beter het begrip zal zijn van wat een NLQF-niveau-aanduiding inhoudt.’

Wat wilt u als voorzitter van de Programmaraad met het NLQF bereiken?
‘We hebben een prima opererend NCP-bureau en twee voortreffelijke commissies: de commissie Validiteit en de commissie Inschaling. Allen doen uitstekend werk. Het NCP NLQF en de hele systematiek staat goed op poten. Ik zou graag, binnen de resterende termijn van nog twee jaar in de Programmaraad NLQF, zien dat het wetstraject afgerond is. Zodat alle inspanningen ook echt hun vruchten kunnen afwerpen en er een gestage stroom inschalingen op gang komt. Zodat individuen beter weten waar ze staan op de arbeidsmarkt en aanbieders van opleidingen op hun markt. En ook internationaal de uitwisselbaarheid sterk wordt bevorderd zodat mensen daar profijt van hebben in Europa.’

Share This